Ventielen plaatsen
Gereedschap |
Gereedschappenset |
Ventiel
|
Irrigatie |
Met behulp van het gereedschap Ventiel plaatst u een irrigatieventiel met vooraf ingestelde parameters van een fabrikant of een ventiel op maat waarvan u de parameters nadien kunt instellen. Ventielen kunnen, dankzij hun verscheidenheid, een brede waaier aan functies in een irrigatiesysteem vervullen. Afhankelijk van het type ventiel zijn er verschillende parameters beschikbaar.
Regel- of zoneventielen verbinden de hoofdleiding van het systeem met de bijbehorende aftakkingsleidingen en stroomafwaarts gelegen uitlaten.
Hoofdventielen verbinden het hele irrigatiesysteem met de waterbron bij het aansluitpunt.
Zonekit-ventielen zijn voorgemonteerd en bestaan uit een ventiel, filter en drukregelaar.
Als u een ventiel aan een buis toevoegt, wordt die buis in twee gesplitst.
Om ventielen in de tekening te plaatsen:
Activeer het gereedschap.
Klik in de Methodebalk op het veld naast Ventiel om een hulpbron via de Hulpbronnenkiezer te selecteren. U kunt een hulpbron uit een van de fabrikantbibliotheken kiezen of een ventiel op maat selecteren. Na het plaatsen van het ventiel kunt u de instellingen aanpassen.
Klik om het ventiel te plaatsen. Als u het ventiel op een bestaande buis of een bestaand buizennetwerk plaatst, licht de voorgestelde buis voor verbinding op en wordt het ventiel automatisch op het netwerk aangesloten.
Pas de positie van de ventiellabels aan door het controlepunt van het label te verslepen.
Na het invoegen van het object kunt u de parameters ervan wijzigen via het Infopalet. Welke parameters beschikbaar zijn hangt af van het type ventiel.
Klik om de velden te tonen/te verbergen.Klik om de velden te tonen/te verbergen.
Veld |
Omschrijving |
Bewaar ventiel |
Klik op deze knop om het geselecteerde ventiel als een rood symbool in het huidige document te bewaren. Dit doet u best wanneer het gaat om een ventiel op maat of een ventiel met gewijzigde catalogusgegevens. |
Naam ventiel |
Geef in dit veld een naam aan het object. Dit kan handig zijn bij het aanmaken van labels, irrigatierapporten en andere rekenbladen. |
Opmerking |
Geef in dit veld een opmerking over het object. Dit kan handig zijn bij het aanmaken van labels, irrigatierapporten en andere rekenbladen, alsook bij het bewaren van rode symbolen. |
Type ventiel |
Hier wordt weergegeven om welk type ventiel het gaat. |
Zone-ID |
Vul in dit veld het identificatielabel in voor ventielen die een zone regelen. |
Geef weer in de tekening |
Selecteer de optie Ontwerpinformatie of Berekende informatie. Dit bepaalt de weergave van alle berekende waarden en bedekkingszones in de tekening (zie Concept: Ontwerp en berekening parameters voor irrigatie |
Ontwerpinformatie |
|
Invoerdruk |
Hier verschijnt de waarde van de invoerdruk volgens ontwerp. |
Uitvoerdruk |
Hier verschijnt de waarde van de uitvoerdruk volgens ontwerp. |
Drukverlies |
Geef in dit veld op hoeveel druk het ventiel verliest. |
Doorstroom |
Hier vindt u de doorstroom door het ventiel op wanneer de uitlaten in de gecontroleerde zone naar behoren functioneren. |
Berekende informatie |
|
Invoerdruk |
Hier wordt de verwachte invoerdruk van het ventiel weergegeven wanneer deze op een netwerk is aangesloten. |
Uitvoerdruk |
Hier wordt de verwachte uitvoerdruk van het ventiel weergegeven. Uitvoerdruk = invoerdruk - drukverlies |
Drukverlies |
Hier wordt het drukverlies binnenin het ventiel weergegeven. |
Doorstroom |
Hier wordt de berekende doorstroom door het ventiel weergegeven. Deze waarde is gebaseerd op de invoerdruk van de uitlaten in de gecontroleerde zone van het ventiel. |
Catalogusgegevens |
|
Haal op uit catalogus |
Het dialoogvenster van de catalogus wordt geopend om catalogusgegevens voor het geselecteerde object op te halen. U kunt hier catalogusgegevens toevoegen aan een object op maat dat nog geen catalogusgegevens bezit. Zie Concept: De irrigatiecatalogus gebruiken. |
Gegevens |
Hier worden de catalogusgegevens weergegeven |
Decoder (tweedraads) (regel-, hoofd-, zonekit-ventiel) |
Vink deze optie aan om een elektronische tweedraadse bediening toe te voegen. |
Drukregeling (regel-, hoofd-, zonekit-ventiel) |
Vink deze optie aan om een drukregelaar te gebruiken. Deze zorgt ervoor dat de Uitvoerdruk (volgens berekening en ontwerp) de hier opgegeven maximumwaarde niet overschrijdt. Zonekit-ventielen zijn standaard voorzien van drukregeling. |
Geregelde druk (regel-, hoofd-, zonekit-ventiel) |
Geef in dit veld de maximumwaarde voor de uitvoerdruk op. |
Doorstroomcontrole (regel-, hoofd-, zonekit-ventiel) |
Vink deze optie aan om een begrenzer in te stellen die de doorstroom regelt. |
Niet-drinkbaar (regel-, hoofd-, zonekit-ventiel) |
Vink deze optie aan als u wilt dat de ventielen gebruik maken van niet-drinkbaar water. |
Opmerking 1 -4 (isolatie, uitschakeling, ontluchter, ventilatie, terugslagventiel, andere) |
Dankzij de extra opmerkingsvelden kunt u bijkomende informatie of details aan de catalogusgegevens toevoegen. |
Bewerk de catalogusgegevens |
Klik op deze knop om de gegevensvelden te bewerken. De gegevens die u wijzigt, kunt u in de catalogus bewaren als een gegevensreeks op maat. |
Bewaar in catalogus |
Het dialoogvenster ‘Bewerk het catalogusproduct’ wordt geopend. Hier kunt u de gegevens op maat verder bewerken en vervolgens aan de catalogus toevoegen. |
Aanduidingen |
|
Symboolnaam |
Hier vindt u de naam van het symbool waardoor het ventiel wordt voorgesteld. |
Vervang symbool |
Druk op deze knop om een symbool uit de geschikte categorie te kiezen. |
Schaal symbool |
Bepaal hier de schaal van het symbool in verhouding tot de schaal van de laag. Wanneer u een waarde kleiner dan 1 ingeeft, wordt het symbool kleiner; wanneer u een waarde groter dan 1 ingeeft, wordt het symbool groter. |
Koppel tag/label |
Vink deze optie aan om automatisch een tag/label aan het object te koppelen. Het meest recent geselecteerde label voor dit type object wordt gebruikt. Klik op het label om de eigenschappen ervan te bewerken (zie Labels aan irrigatieobjecten toevoegen). |
Toon invoerdruk |
Vink deze optie aan om een label dat de druk aangeeft, op de tekening te plaatsen. |
Toon doorstroom |
Vink deze optie aan om een label dat het doorstroomdebiet aangeeft, op de tekening te plaatsen. |